Door Nicole Zwaga, kaderhuisarts spoedzorg.


Intro van de redactie

Onlangs bracht de Federatie van Medisch Specialisten (FMS) het visie-document Acute Zorg 2022 uit. Deze bevat tal van FMS-doelstellingen voor het jaar 2025. In deze nota introduceert deze brancheorganisatie ook een nieuwe indeling van acute patiënten. Die komt hieronder aan de orde. Op verzoek van de redactie van de Nieuwsbrief Zorg en Innovatie vat Nicole Zwaga hieronder (deel 1) deze indeling samen. In deel 2 van deze korte serie in het volgende nummer van de Nieuwsbrief schetst zij de mogelijke consequenties hiervan voor de inrichting van de zorg.

Nieuwe FMS-indeling

Vanuit het perspectief van de patiënt hebben veel zorgvragen een urgent karakter, maar dat hoeft niet te betekenen dat de te verlenen zorg medisch gezien urgent is. Goede triage is essentieel om de patiënt de juiste en tijdige acute zorg te kunnen bieden op de juiste plek en door de juiste professional. Iedere patiënt heeft een unieke (acute) zorgvraag. Er zijn echter wel groepen patiënten te onderscheiden die in grote lijnen dezelfde karakteristieke kenmerken van een acute zorgvraag hebben. De FMS introduceert de volgende nieuwe indeling:

  1. Patiënten met een levensbedreigende en/of complexe acute zorgvraag
  2. Patiënten met een herkenbare acute zorgvraag
  3. Patiënten met een ongedifferentieerde zorgvraag
  4. Patiënten met een acute verslechtering van een bestaande chronische aandoening

De indeling van patiënten in de verschillende groepen is niet zo strikt als de beschrijving hieronder van de vier groepen doet vermoeden: patiënten kunnen initieel in de ene groep lijken te vallen maar door het beloop van de acute aandoening, nadere diagnostiek of specifieke patiëntkenmerken, in een andere groep belanden. Die indeling is daarmee mede afhankelijk van de mate van bestaande (multi)-morbiditeit van de patiënt, ernst van het beloop van de acute aandoening en de mate waarin al direct een diagnose waarschijnlijk of herkenbaar is.

1 Patiënten met een levensbedreigende en/of complexe acute zorgvraag

Patiënten met een levensbedreigende en/of complexe zorgvraag moeten zo spoedig mogelijk in een ziekenhuis behandeld worden. Te denken valt aan patiënten die een ongeval hebben gehad met (ernstig) letsel, een hartinfarct of herseninfarct, of patiënten met een ernstige sepsis. De inzet van medisch specialistische beoordeling en/of interventie voor patiënten die een levensbedreigende en/of complexe acute zorgvraag hebben, is geborgd.

In de organisatie van acute zorg voor patiënten met een levensbedreigende en/of complexe acute zorgvraag is een onderscheid te maken tussen de zorg voor:

A1. (Hoog complex) Trauma/patiënten met een acute zorgvraag waartoe specifieke zorgpaden zijn ingericht.

A2. Patiënten met een complexe acute zorgvraag waartoe specifieke zorgpaden zijn ingericht. Dit betreft bijvoorbeeld de acute harthulp, de acute neurologie, acute verloskunde.

B. Vitaal bedreigde patiënten waarbij opvang d.m.v. ABCDE-systematiek en BLS/ALS geborgd moet zijn, zonder een daartoe ingericht zorgpad. Na stabiliseren volgt verdere diagnostiek en behandeling.

Bij de acute zorgpaden werken betreffende medisch specialisten nauw samen met andere beroepsbeoefenaren in het netwerk. Er zijn samenwerkingsafspraken gemaakt over de beschikbaarheid en toegankelijkheid van de acute zorg. Vanwege de specifieke expertise en voorzieningen die nodig zijn voor deze complexe acute zorg, is de beschikbaarheid vaak landelijk geregeld en afgestemd.

2. Patiënten met een herkenbare acute zorgvraag

Dit betreft patiënten die een acuut, vaak herkenbaar medisch probleem hebben zoals bijvoorbeeld een botbreuk of niet meer kunnen plassen. Voor deze acute klachten zijn faciliteiten nodig om verder onderzoek of directe behandeling in te kunnen zetten. In het ene geval is behandeling eenmalig en vaak op de Spoedeisende Hulp (SEH) mogelijk. In het andere geval is behandeling complexer van aard omdat bijvoorbeeld een (spoed-)operatie nodig is. Regelmatig tot vaak is medisch specialistische interventie in vorm van opname en/of operatie noodzakelijk.

3. Patiënten met een ongedifferentieerde zorgvraag

Deze groep betreft patiënten waarbij een acute zorgvraag speelt, maar (nog) niet duidelijk is op welk gebied deze zorgvraag primair ligt. Het kan hierbij gaan om acute somatische problematiek, psychische problematiek, een combinatie van deze, vaak gecompliceerd door problematiek in het sociale domein. Vaak betreft het oudere of kwetsbare patiënten met een beperkte zelfredzaamheid waarbij somatische problematiek zich atypisch presenteert. Vanwege de atypische presentatie kunnen zorgvragen bij deze patiënten levensbedreigend en zeer complex zijn, zonder dat dit primair zo herkend wordt. De eerste opvang, diagnostiek, behandeling en het vaststellen van het te voeren beleid is voor deze ongedifferentieerde patiënten niet eenvoudig te protocolleren als voor patiënten met herkenbare problematiek. Veelal is een meer integrale multidisciplinaire aanpak op medisch-specialistisch niveau nodig, met een snelle opvolging van diagnostische onderzoeken, gevolgd door een soms complexe therapie. Patiënten met een ongedifferentieerde zorgvraag komen veelal (via de huisartsenzorg of de ambulancezorg) op de SEH van het ziekenhuis terecht. Medisch specialistische expertise is voor deze patiëntengroep beschikbaar door directe betrokkenheid op de SEH of in consultatie.

Deze (kwetsbare) patiënten komen ook na behandeling van de acute zorgvraag vaker terug in het ziekenhuis: door een herhaalde acute zorgvraag of via de polikliniek. In de leeftijdsgroep van 65 jaar en ouder wordt ongeveer de helft van de SEH-bezoeken veroorzaakt door terugkerende patiënten.

4. Patiënten met een acute verslechtering van een bestaande chronische aandoening

Deze groep betreft patiënten met één of meer chronische aandoeningen, die door acute verslechtering behandeling behoeven. Dit kan veroorzaakt worden door het natuurlijke beloop of een complicatie van de ziekte of juist van de behandeling. Er zijn patiënten uit alle leeftijdscategorieën met chronische ziekten, waaronder cardiovasculaire problematiek, diabetes mellitus met complicaties, systeemziekten, oncologische aandoeningen en ernstige psychiatrische aandoeningen (EPA). Patiënten hebben meestal een al langer bestaande behandelrelatie met een of meer medisch specialisten in het ziekenhuis of in een GGZ-instelling. Dit is een groeiende en inmiddels grote groep patiënten op de SEH, die een – soms zeer intensief – behandeltraject in het ziekenhuis hebben, met bijvoorbeeld chemotherapie of immuuntherapie, met atypische presentaties en een hoog a priori risico op het ontstaan van ernstige complicaties. Steeds vaker vinden deze intensieve behandelingen in de thuissituatie plaats, waarmee de noodzaak om bij complicaties laagdrempelig, snel en adequaat te handelen groter wordt. Vaak worden deze patiënten op specifieke spoedpoliklinieken gezien, buiten de reguliere instroom op de SEH om.


In de volgende editie van de Nieuwsbrief zal deel 2 worden gepubliceerd