Door Dianne Jaspers, huisarts (n.p.) en chief medical officer van Digidok.
Inleiding
Als vervolg op mijn eerdere artikel in de Nieuwsbrief met de titel “Toekomstvisie 2035 huisartsenzorg, wat ontbreekt is aandacht voor personeelstekorten” stel ik de vraag of we het huidige en toekomstige huisartsentekort wel op gaan heffen. Op 3 november 2025 stuurde de minister van VWS een brief naar de Kamer over de toegankelijkheid van de huisartsenzorg. Een van de bijlagen betrof het rapport Selecteren voor de toekomst: Iedereen een huisarts, geschreven door Lianne Mulder (Health equity research) in opdracht van VWS.
In dit artikel wordt op grond van dit rapport de regionale herkomst van geneeskundestudenten tussen 2000 en 2024, de regionale huisartsentekorten en de potentie van een nieuw selectiebeleid voor een toekomstbestendige huisartsenzorg kort samengevat en besproken.
Volgens de LHV (2022), de landelijke huisartsenvereniging, is de prognose dat er in 2028 maar een paar regio’s in Nederland zullen zijn waar er voldoende huisartsen werkzaam zijn. In Zeeland wordt er zelfs een tekort van 60% aan huisartsen verwacht. De hypothese is dat er minder studenten instromen bij de studie geneeskunde in de regio’s waar nu al huisarts tekorten zijn of in de toekomst zullen gaan ontstaan. Onderzoek naar geneeskundestudenten en waar ze uiteindelijk gaan werken, kan aanleiding zijn voor nieuw instroombeleid voor de studie geneeskunde. Dit nieuwe beleid moet bijdragen tot een betere verdeling van huisartsen in Nederland.
Methode
Het onderzoek betreft studenten geneeskunde die gestart zijn in de periode 2000-2010 en de andere groep betreft geneeskunde studenten tussen 2010 en 2024. Er is gekeken naar geboortejaar, woonadres op het 16e levensjaar en koppeling aan het BIG-register in 2024 waarbij de postcodegebieden zijn samengevoegd zodat er minimaal 10 artsen, 10 geneeskundestudenten en 10 huisartsen hebben voortgebracht omdat anders de data niet inzichtelijk mag worden gemaakt.
Resultaten
In het cohort van 2000-2010 is 68% vrouw, 80% komt oorspronkelijk uit Nederland, 87% heeft geen ouder die arts is en is 20% huisarts geworden. In het cohort 2010- 2024 is man-vrouw verhouding gelijk aan het eerste cohort, heeft 72,5% een Nederlandse achtergrond en 88% heeft geen ouder die arts is. In de laatste groep is 4,4% is huisarts geworden, een groot deel van deze groep is echter nog niet klaar met de vervolgopleiding maar het geeft al wel waardevolle informatie over herkomst en een prognose voor het potentiële tekort.
Er zijn grote verschillen tussen regio’s in de instroom van geneeskunde studenten (variërend van 16 tot 34%), afronden van de studie, en het percentage afgestudeerden dat huisarts is geworden waarbij Zeeland Friesland, Groningen Drenthe, delen van Brabant, Overijsel en Limburg al 25 jaar de minste studenten leveren. Dit zijn ook de regio’s waar de grootste tekorten verwacht worden de komende jaren.
Het wordt niet aannemelijk geacht dat andere instroompatronen gaan ontstaan waardoor de huidige tekorten spontaan zouden worden opgelost.
Conclusie
Regio’s met minder instroom van geneeskunde studenten zijn ook de regio’s waarbij de huisartstekorten het hoogst zijn waardoor er een inhaalslag nodig is om meer instroom tot de studie geneeskunde te krijgen vanuit de regio’s met tekorten. In het buitenland worden al andere methodes gebruikt toegepast op het instroombeleid en zou mogelijk ook in Nederland leiden tot meer huisartsen in de regio’s met tekorten.
Genoemde oplossingen voor instroom tot de geneeskunde studie:
- Bonded medical places (Australie) en Landartzquote (Duitsland): opleidingsplekken worden gereserveerd voor studenten uit regio’s met een structureel tekort: Bonded medical places. Er is dan een gegarandeerde opleidingsplek. Na afronding van de studie en de vervolgopleiding ben je verplicht je een aantal jaren te vestigen in deze regio’s
- Quota voor specifieke doelgroepen; Canada, Australië, Japan en Brazilië. Een deel van de opleidingsplaatsen is dan te reserveren voor studenten uit de ondervertegenwoordigde groepen of regio’s, maar bijvoorbeeld ook uit een lage SES-regio. Geen verplichting tot vestiging.
- Contextualized Admissions. Persoonlijke omstandigheden die van invloed zijn op de onderwijsresultaten van de kandidaten. Bijvoorbeeld het eindcijfer beoordelen op het gemiddelde van de school om zo de relatieve prestatie te beoordelen. Dit kan leiden tot toename van de ondervertegenwoordigde groepen, waaronder de meer rurale gebieden.
- Loting met extra loten voor kandidaten uit de tekortregio’s.
Advies
Eerder onderzoek wijst uit dat er draagvlak is om de representativiteit van de populatie studenten geneeskunde te bevorderen, echter dit is wettelijk nog niet mogelijk. Het advies is om deze methodieken allemaal te legaliseren zodat de kandidaten zelf regie houden. Doordat er jaarlijks drie tot viermaal zoveel studenten zich aanmelden voor geneeskunde dan er nu in kunnen stromen, wordt verwacht dat er onder deze duizenden een deel geen moeite zullen hebben met een verplichting. In tegenstelling tot een verplichte oplegging van werkgebied na de opleiding wat tot heel veel weerstand zal leiden.
Bespreking
De resultaten van dit onderzoek zijn eigenlijk schrikbarend, de tekorten aan huisartsen zijn al aantoonbaar en lijken ook niet te verbeteren als er niets verandert. De voorgestelde wijzigingen van een ander instroombeleid voor de studie geneeskunde kunnen denk ik wel bijdragen aan het verminderen van de tekorten. Echter hoe groot het effect is vind ik lastig te bepalen aangezien er ook in de genoemde voorbeelden van het buitenland maar weinig voorbeelden laten zien of ze effectief zijn gebleken. Waarbij oplossingen zoals Bonded Medical care het mij extreem moeilijk lijkt om op je 18e hierover al keuzes te moeten maken. Er zijn dan nog zoveel factoren die van invloed kunnen zijn op je leven en ontwikkeling. Ik ben dan ook benieuwd of er dan ook spijtoptanten zijn. Hoe ga je daar dan mee om?
Een onderzoek van Nivel onder jonge huisartsen laat zien dat 64% van de jonge huisartsen toch uitvliegt naar een andere plaats om te werken dan waar ze oorspronkelijk vandaan komen. De groep die blijft in de regio van herkomst is ook niet allemaal afkomstig uit de krimpregio’s dus dit percentage wat blijft werken in de regio waar in ze zijn opgegroeid schat ik dan nog lager in. Vaker is de opleidingsplek tot huisarts meer bepalend waar de jonge huisarts gaat werken.
Kortom: het belang van dit onderzoek is groot
Gaat de aanpassing van het instroombeleid dan voldoende helpen om de huisarts tekorten in bepaalde regio’s op te lossen? En ook nog op tijd? Voor dit nieuwe instroom beleid zijn wetswijzigingen nodig, de studie om huisarts te worden duurt minimaal 6 jaar. De toegankelijkheid van de zorg staat nu al onder druk en het voelt voor mij alsof we deze tijd niet hebben om de zorg in de krimpregio’s nog zo lang te kunnen volhouden. Maar je moet natuurlijk wel ergens gaan beginnen en naast allemaal andere aanpassingen zoals digitalisering, goede financiering en meer patiëntparticipatie, kunnen deze nieuwe beleidsvormen mogelijk wel meehelpen tot ‘iedereen een huisarts’ over 10 jaar.
Ik geef dit onderzoek een 5 van de 5 sterren omdat ik denk dat het heel goed inzichtelijk maakt waar er tekorten aan huisartsen zijn zodat iedereen hiervan doordrongen is. Beleidskeuzes op elk niveau zullen moeten worden gemaakt om deze trend te kunnen keren.
Zoektermen voor internet
Dianne Jaspers, huisartsenzorg, eerste lijn, huisartsentekort Nederland 2028, selectiebeleid geneeskunde VWS, regionale spreiding huisartsen, Lianne Mulder rapport huisartsenzorg, tekort huisartsen Zeeland, instroombeleid geneeskundestudenten, herkomst studenten geneeskunde, toegankelijkheid huisartsenzorg 2025, BIG-register koppeling onderzoek, toekomstbestendige huisartsenzorg
