Door Jan Christiaan Huijsman, strategisch adviseur bij Achmea Zilveren Kruis.
Dit artikel is geschreven op persoonlijke titel
De overheid zet in op kunstmatige intelligentie (AI) in de zorg, maar het is twijfelachtig of de huidige aanpak voldoende is om een dreigend zorginfarct af te wenden. Andere landen tonen aan dat een radicalere koers mogelijk is.
De belofte van een technologische doorbraak
Kunstmatige intelligentie (AI) wordt wereldwijd gezien als een van de krachtigste motoren voor toekomstige productiviteitsgroei. In de luchtvaart rekent AI voor vluchten uit hoeveel brandstof exact nodig is; in de financiële sector detecteert het fraudepatronen en beoordeelt het risico’s in milliseconden. Grote Nederlandse bedrijven spreken in het Financiële Dagblad inmiddels over AI als strategische bouwsteen — niet als experiment, maar als manier van werken.
KLM-topvrouw Marjan Rintel zei het in een FD-artikel van 22 oktober ’25 als volgt: “Je kunt AI niet aan de technici overlaten. Ook de boardroom moet het begrijpen.” ING werkt al jaren met grote, geïntegreerde datastructuren om AI in risk en hypotheken te gebruiken. Ahold Delhaize besloot dit jaar om talloze losse pilots te beëindigen omdat versnippering de impact hindert, zo concludeerde ze.
In de zorg is dat strategische besef minder vanzelfsprekend. Hoewel de druk op het stelsel toeneemt, wordt AI vooralsnog gezien als losse toepassing binnen professionele routines, niet als mechanisme om die routines zelf opnieuw te ontwerpen en systemisch op te schalen. De vraag die in dit artikel centraal staat is dan ook: leidt de huidige aanpak van VWS en zorgpartijen wel tot de broodnodige digitale versnelling?
De structurele druk op het zorgstelsel
De Nederlandse zorg staat onder ongekende druk. Door de vergrijzing, toegenomen ziektelast en hogere zorgvraag loopt het personeelstekort op naar een geschatte 245.000 zorgprofessionals in 2033. Tegelijk stijgen de zorguitgaven jaar na jaar sneller dan de economie; als het huidige patroon doorzet, belanden we in 2060 rond de 18 procent van het bruto binnenlands product.
Deze cijfers komen niet uit de lucht vallen. Al twintig jaar is de productiviteitsgroei in de zorg vrijwel stilgevallen. Waar andere sectoren digitalisering gebruikten om werk anders te organiseren, werkt de zorg vrijwel nog steeds volgens patronen uit de jaren tachtig en negentig: papieren workflows die zijn gedigitaliseerd, maar niet getransformeerd.
AI lijkt een antwoord, en op papier is het potentieel enorm. Een rapport van McKinsey uit februari 2025 schat dat digitale zorgtechnologie en AI samen een productiviteitspotentieel vertegenwoordigen van circa 22 miljard euro per jaar, ongeveer 20 procent van alle zorgkosten. Het gaat daarbij niet om toekomstmuziek, maar om technologie die in andere landen al op schaal wordt ingezet: elektronische dossiers in combinatie met geautomatiseerde workflows, telemonitoring, AI-ondersteunde planning, automatisering van verslaglegging en gegevensuitwisseling.
De vraag is dus niet of AI impact kan hebben, maar waarom die impact in Nederland tot nu toe uitblijft.
Wat VWS prioriteert – en waarom dat te weinig is
In de brief aan de Tweede Kamer (6 oktober 2025) over het nieuwe programma Realisatie AI in de zorg kiest VWS twee AI-toepassingen als eerste nationale prioriteit; spraakgestuurd rapporteren (AI-ondersteunde verslaglegging) en AI-ondersteunde capaciteitsplanning.
Deze twee thema’s worden nadrukkelijk genoemd als startpunt van het programma. Het zijn gebieden waar technologie relatief volwassen is, het optimalisatiepotentieel groot en waar de problemen urgent zijn: tijdsdruk, administratieve last, roostering, inzet van personeel en middelen.
Het ministerie kiest hiermee voor twee zeer concrete, uitvoerbare toepassingen waar de sector al enige ervaring mee heeft. Dat is verstandig beleid: zowel spraakgestuurde documentatie als capaciteitsplanning zijn domeinen waar direct en meetbaar effect mogelijk is. De eerste pilots, bijvoorbeeld rondom spraakgestuurde verslaglegging op de SEH, laten enige tijdswinst, minder registratielast en verlaging van werkdruk zien.
Maar ondanks de logica achter deze prioriteiten rijst een belangrijkere vraag: kan een programma dat zich richt op een aantal toepassingen — hoe zinvol ook — voldoende bijdragen aan zorgtransformatie, gericht op behoud van toegankelijkheid en betaalbaarheid.
De prioriteiten van VWS zijn een goede start, maar zonder een bredere governance- en infrastructuurverandering blijft de impact beperkt.
Drie fundamentele oorzaken van mislukte digitalisering
1) Structurele fragmentatie van het zorginformatiestelsel
De Nederlandse zorg bestaat uit vele honderden organisaties met eigen IT-systemen, eigen workflows en eigen verantwoordelijkheden.
Ziekenhuizen werken met verschillende elektronische patiëntendossiers (HiX, EPIC, Nexus), huisartsen hebben tientallen HIS-systemen, VVT-instellingen nog eens andere pakketten. Die spreken nauwelijks dezelfde taal. Er is geen eenheid van taal en techniek. Interoperabiliteit is technisch beperkt mogelijk, maar landelijk en bestuurlijk niet afgedwongen. Gegevensuitwisseling is vaak afhankelijk van regionale projecten, losse koppelingen of handmatige procedures.
AI – maar óók digitale zorg – kan eenvoudigweg niet effectief functioneren zonder complete, gestandaardiseerde en realtime data. Daarmee is de grootste voorwaarde voor effectieve inzet van AI in Nederland afwezig: een nationale digitale (data) infrastructuur. De OECD noemde ‘healthcare information exchange in the Netherlands fragmented-by-design‘ in haar bekende rapport uit oktober ’22.
2) Prikkels die innovatie niet belonen
Digitale innovatie en implementatie rendeert vaak niet op de plek waar de investering wordt gedaan.Telemonitoring kost een ziekenhuis geld, maar verlaagt zorgfinanciering (-omzet). Preventie verlaagt zorgvraag, maar is niet declarabel. Datadeling helpt keten- en netwerksamenwerking, maar vraagt hoge investeringen bij zorgaanbieders. Snellere verslaglegging dankzij AI bespaart tijd, maar levert niet direct besparingen op.
In het bedrijfsleven geldt: wie investeert, profiteert. In de zorg geldt eerder: wie investeert, loopt risico. Zolang de prikkelstructuur in de zorg blijft zoals die is (P x Q), ontstaat digitalisering niet vanzelf, hoe effectief de technologie ook is.
3) Ontbrekende veranderkundige en digitale competenties
Het derde structurele probleem is misschien wel het hardnekkigste: het gebrek aan vaardigheden en capaciteit om processen echt anders te organiseren. Digitalisering – waaronder AI – betekent niet: een tool implementeren. Digitalisering betekent:
- Taken herverdelen,
- Rollen aanpassen,
- Besluitvorming anders inrichten,
- Administratie schrappen,
- Planning automatiseren,
- Teams anders vormgeven,
- Processen herinrichten en organisaties reorganiseren
Dat vergt product owners, procesingenieurs, data-architecten, AI-specialisten, ervaren change professionals en klinische leiders die in staat zijn om nieuwe manieren van werken te ontwerpen en te borgen. Die combinatie is schaars in de zorg.
In het genoemde FD-artikel benadrukte Ahold Delhaize dat het stopzetten van versnipperde experimenten noodzakelijk was voor serieuze impact. Maar in de zorg blijven pilots vaak bestaan omdat sterkere besluitvorming veelal ontbreekt. Het resultaat: kleine successen, geen systeemverandering.
Denemarken laat zien hoe het wél kan
Denemarken is een overtuigend tegenvoorbeeld. Het land is geen wereldmacht, maar heeft als klein land al jaren geleden een keuze gemaakt die Nederland tot nu toe steeds vermijdt: digitale zorg is nationale infrastructuur, niet een optionele innovatie. Al in 2018 (!) werd de Digital Health Strategy actief, met als doel een coherent nationaal digitaal zorgnetwerk te realiseren.
Deense keuzes:
- Één nationaal patiëntportaal (Sundhed.dk) waar bijna alle burgers hun dossier inzien;
- Verplichte standaarden voor gegevensuitwisseling — geen optionele afspraken;
- Eén nationaal datamodel en één architectuur;
- Telemedicine is standaard onderdeel van zorgpaden (bijvoorbeeld COPD-zorg);
- Een digitale zorgautoriteit die standaarden handhaaft en implementatie coördineert.
Het effect:
- 99% van de bevolking heeft toegang tot digitale medische gegevens;
- 84% gebruikt telemonitoring;
- AI-en datatoepassingen zijn hierdoor veel eenvoudiger op te schalen;
- De administratieve lasten dalen;
- Door integratie van data kan Denemarken wél nationaal leren, evalueren en verbeteren.
Waar Denemarken verplicht, poldert Nederland. Overigens worden ook Kanta (Finland) en X-Road (Estland) internationaal beschouwd als zeer succesvolle nationale digitale gezondheidszorg- en datainfrastructuren.
Het risico van de huidige Nederlandse strategie
Hoewel VWS met spraakgestuurd rapporteren en capaciteitsplanning een duidelijke keuze maakt, blijft de strategie grotendeels applicatiegericht, niet systeemgericht. Dat levert vier risico’s op:
- AI wordt een feature, geen fundament: zonder procesherontwerp levert spraakgestuurde verslaglegging minder impact op. Zonder geïntegreerde data- en procesaanpak gaat AI-capaciteitsplanning vooral over lokale roosters, niet over ketensturing en regionaal capaciteitsmanagement.
- Opschaling stokt door regionale verschillen: als implementatie afhankelijk blijft van regio’s en losse aanbieders, ontstaat een lappendeken die moeilijk opschaalbaar is en allerlei interoperabiliteitsproblemen met zich meebrengt.
- De tijd dringt: het personeelstekort groeit sneller dan implementatiesnelheid. Elke maand uitstel maakt het structureel moeilijker om de zorg toegankelijk te houden. We vliegen een groot en langdurig stormgebied in met alle risico’s van dien.
- AI blijft kwetsbaar doordat data niet gestandaardiseerd is: zonder landelijk datamodel blijven AI-modellen gefragmenteerd, suboptimaal en niet opschaalbaar. Dit probleem geldt natuurlijk ook voor de digitalisering in bredere zin.
Wat er nodig is
Uit beschikbare analyses en voorbeelden — nationaal en internationaal — komen vijf noodzakelijke interventies naar voren.
1. Maak digitale zorg de norm
Telemonitoring, e-consult, digitale triage en spraakgestuurde verslaglegging moeten standaard onderdeel worden van zorgpaden. Zonder de beschikbaarheid van digitale zorg wettelijk vast te leggen houden zorginstellingen grotendeels vast aan de oude manier van werken.
2. Creëer een nationale digitale data zorgautoriteit
Met mandaat om standaarden vast te stellen en te handhaven, vergelijkbaar met Denemarken, Finland en Estland. Het achterliggende doel is het afdwingen van landelijke interoperabiliteit op alle niveau’s van het Nictiz-model
3. Introduceer een verplicht landelijk datamodel èn wetgeving
Dat alle zorgaanbieders en leveranciers moeten gebruiken en met wetgeving wordt afgedwongen waardoor eenheid van taal en techniek realiteit wordt. Met de EHDS alleen gaat dit niet lukken. De USCDI (US Core Data for Interoperability) en de Amerikaanse ONC (Office of the National Coordinator for Health IT) gelden internationaal als een sterk voorbeeld van hoe een land via wetgeving , standaarden en handhaving nationale interoperabiliteit kan afdwingen.
4. Verander de financiering
Shared savings, outcome-financiering en verplichte investeringspercentages zijn nodig om innovatie en transformatie aantrekkelijk te maken. Geen IZA subsidieregelingen voor honderden lokale en regionale plannen, maar strategische zorgtransformatie op basis van een landelijke digitale data- en gezondheidsinfrastructuur.
5. Investeer in digitale verandercompetenties
Zonder procesherontwerp en systemische transformatie (organisatiebreed) ontspoort elke technologie of schaalt ze onvoldoende op. Dat vereist digitale geletterdheid in het bestuur en management van iedere zorginstelling, executive programma’s voor bestuurders en medische leiders, organisatie-brede digitale doelen in de meerjarenstrategie, digitale expert-hubs en academies, en financiering die digitale competentie beloont.
Conclusie
Nederland heeft de ideeën, de ambities, de technologie en de urgentie. Maar zonder duidelijke keuzes in governance, standaarden en financiering blijft AI in de zorg een belofte zonder toekomst. De VWS-prioriteiten spraakgestuurd rapporteren en capaciteitsplanning zijn verstandig — maar niet voldoende.
Zolang digitalisering afhankelijk blijft van vrijwillige samenwerking, regionale variatie en losse projecten, ontstaat geen nationale digitale zorginfrastructuur. Andere landen tonen aan dat het kan: verplichtende standaarden, één datamodel, één bestuurlijke autoriteit en duidelijke financiële prikkels. De vraag is niet of AI de zorg kan helpen. De vraag is of Nederland bereid is de systeemkeuzes te maken om het potentieel van AI en digitalisering daadwerkelijk te realiseren.
We moeten dus constateren dat zonder topdown-strategie vooruitgang telkens hinder ondervindt van bestaande sturings-, financierings- en belangenstructuren. Dit vastlopen kunnen we ons niet permitteren.
Geraadpleegde bronnen
OECD
- Rapport: Towards an integrated health information system in the Netherlands februari 2022: https://www.oecd.org/en/publications/towards-an-integrated-health-information-system-in-the-netherlands_a1568975-en/full-report.html
- Rapport: Health Data Governance for the Digital Age (2022): https://www.oecd.org/en/publications/2022/05/health-data-governance-for-the-digital-age_5c42de41.html
Denemarken
- Overheidspagina Digital Health Strategy: https://english.sundhedsdatastyrelsen.dk/digital-health-solutions/digital-health-strategy
- Digital Health Strategy 2018–2022 (PDF): https://english.sundhedsdatastyrelsen.dk/Media/638657841521943752/Digital_Health_Strategy_2018_2022.pdf
- Nieuwe autoriteit Digital Health Denmark (vanaf 2027): https://admin.english.sundhedsdatastyrelsen.dk/about-us/digital-health-denmark
- Nationaal patiëntportaal Sundhed.dk: https://www.sundhed.dk/borger/
Finland
- Kanta Services – nationaal digitaal zorgsysteem: https://www.kanta.fi/en/
- Uitleg over Kanta Services: https://www.kanta.fi/en/what-are-kanta-services
Estland
- X-Road – nationale digitale infrastructuur: https://x-road.global/
- X-Road – toelichting via e-Estonia: https://e-estonia.com/solutions/interoperability-services/x-road/
- Estonian e-Health Record: https://e-estonia.com/solutions/healthcare/e-health-record/
Verenigde Staten
- USCDI – nationale datastandaard voor interoperabiliteit: https://www.healthit.gov/isp/united-states-core-data-interoperability-uscdi
- Interoperability Rule / 21st Century Cures Act: https://www.healthit.gov/curesrule/
- Toelichting op ONC (HHS): https://www.hhs.gov/about/agencies/astp/index.html
Nederland / VWS
- Kamerstukken: programma ‘Realisatie AI in de Zorg’ (VWS): https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2025/10/06/kamerbrief-over-inzet-op-realisatie-ai-in-de-zorg
- VWS – Data voor gezondheid: https://www.datavoorgezondheid.nl
Mckinsey analyse
- McKinsey: Digitale zorg in Nederland – Van evolutie naar revolutie (2025): https://www.mckinsey.com/nl/our-insights/digitale-zorg-in-nederland-van-evolutie-naar-revolutie
Financieel Dagblad artikel
- FD-artikel 22 oktober 2025 (achter betaalmuur): “AI-lessen uit de boardroom” van Sandra Olsthoorn
Zoektermen voor internet
Jan Christiaan Huijsman, digitalisering, AI in de zorg, digitale zorginfrastructuur, VWS, spraakgestuurd rapporteren, capaciteitsplanning, telemonitoring, interoperabiliteit, zorgtransformatie, nationale datastandaarden, zorginnovatie
