Door Johan Mackenbach.

Inleiding

Terwijl ik dit schrijf hebben we alweer de eerste hittegolf van 2026 achter de rug. Die kwam niet alleen uitzonderlijk vroeg, maar was dankzij klimaatverandering ook enkele graden heter dan vroeger het geval zou zijn geweest. Kort voor die hittegolf kwam de Gezondheidsraad in samenwerking met de Wetenschappelijke Klimaatraad met een advies over de maatregelen die nodig zijn om de gevolgen van klimaatverandering voor de gezondheid binnen de perken te houden.

Terugblik en vooruitblik

Er is in de loop der jaren veel veranderd. Ik herinner me nog goed de reacties van ongeloof, toen ik met collega’s in het begin van de jaren ’90 een paar studies deed naar het effect van hitte op de gezondheid in Nederland. We lieten daarin zien dat ondanks ons gematigde klimaat ook hier hittegolven gepaard gaan met oversterfte. Dat veel van die extra sterfgevallen zich voordeden in verpleeghuizen kwam voor sommigen als een schok, maar was voor anderen juist aanleiding om zich af te vragen of dat wel zo erg was. Verpleeghuisbewoners waren immers sowieso al aan het einde van hun leven.

Inmiddels zijn we meer dan 30 jaar verder, komen hittegolven steeds vaker voor, en is het besef breed ingedaald dat hitte gepaard gaat met een toename van allerlei gezondheidsproblemen, waarvan extra sterfte er maar één is. Ook in veel bredere zin staat nu vast dat klimaatverandering een scala aan gezondheidsrisico’s met zich meebrengt, uiteenlopend van een toename van bepaalde infectieziekten tot meer natuurrampen, en van een toename van pollenallergieën tot meer huidkanker.

Voorlopig zal de opwarming van de aarde nog wel even doorgaan, en hoewel de noodzaak van ‘mitigatie’ (minder uitstoot van broeikasgassen) onverminderd groot is, wordt ook de noodzaak van ‘adaptatie’ (tegengaan van de gevolgen van klimaatverandering) steeds duidelijker. Zelfs in een scenario met lage uitstoot van broeikasgassen zal gedurende de 21ste eeuw de opwarming van de aarde doorgaan, waarmee ook de gezondheidsrisico’s in Nederland verder zullen blijven toenemen.

Adaptatie: het advies van de Gezondheidsraad

Over die noodzakelijke adaptatie gaat dus het advies van de Gezondheidsraad. Voorgesteld wordt om woningen, scholen en zorginstellingen hittebestendig te maken, steden te vergroenen, afspraken te maken over werken in de hitte, en hulpdiensten beter voor te bereiden op deze nieuwe omstandigheden. De Rijksoverheid moet hierin de regie nemen en zorgen voor samenhangend beleid, waarbij prioriteit moet worden gegeven aan het tegengaan van onrechtvaardige gezondheidsverschillen.

Hiertoe moeten vooral die bevolkingsgroepen worden ondersteund – zoals huurders van slecht geïsoleerde woningen – die meer moeite hebben dan anderen om zich aan de gevolgen van klimaatverandering te onttrekken. Ook is speciale aandacht nodig voor ‘Caribisch Nederland’, d.w.z. Bonaire, Sint-Eustatius en Saba, waar de gevolgen van klimaatverandering groter zijn dan in Europees Nederland.

Dit alles is ‘eminently sensible’, zoals onze Britse collega’s zouden zeggen. Voor wie dit terrein al een beetje kent, bevat dit advies weinig nieuws, maar het is zeker nuttig dat een gezaghebbend orgaan als de Gezondheidsraad zo expliciet aandacht vraagt voor de noodzaak, om ook gezondheid onderdeel te maken van het klimaatadaptatie-beleid. De belangrijkste vraag die bij lezing opkomt is, hoe aannemelijk het is dat de aanbevelingen daadwerkelijk zullen worden opgevolgd – en hoe erg het zou zijn als dat niet zou gebeuren.

Verhoudingen ontbreken in termen van gezondheidswinst en kosten

Met dat laatste bedoel ik dat het rapport niet voldoende duidelijk maakt hoe groot het probleem is, en hoe de verhouding is tussen de gevraagde inspanningen en de daarmee te bereiken gezondheidswinst. De Nederlandse overheid is al overstretched, de voorgestelde maatregelen zijn deels zeer kostbaar, en er vindt in het rapport geen weging plaats van klimaatgerelateerde gezondheidsproblemen tegen al die andere gezondheidsproblemen die aandacht vragen.

Binnen de grenzen van Europees Nederland is de optelsom van alle gezondheidsproblemen die samenhangen met huidige en toekomstige klimaatverandering namelijk beperkt van omvang, in vergelijking met bijvoorbeeld de gezondheidsgevolgen van leefstijl, armoede of vergrijzing. Dat is al helemaal het geval wanneer de toename van hitte-gerelateerde gezondheidsproblemen wordt gecorrigeerd voor de voorlopig veel sterkere afname van koude-gerelateerde gezondheidsproblemen.

Klimaatadaptatie moet zeker serieus genomen worden, ook in en vanuit de gezondheidszorg, maar bij beperkte middelen is prioritering nu eenmaal onvermijdelijk. Het ontbreken van enige indicatie van de verhouding tussen kosten en opbrengsten is daarom een zwakke plek van het advies, dat zich beperkt tot algemene kanttekeningen als ‘er zijn hoge financiële kosten verbonden aan het verduurzamen van bestaande lagekwaliteitwoningen’.

Een vervolgopdracht: gezondheidseconomische analyse

Nu iedereen goed is geschrokken van de gezondheidsgevolgen van klimaatverandering, ook in Nederland, zou ik weleens een nuchtere gezondheidseconomische analyse willen zien. Welke adaptatiemaatregelen zijn volgens de geldende opvattingen kosteneffectief? Is hittebestendig maken van goedkope huurwoningen een kosteneffectieve manier om onrechtvaardige gezondheidsverschillen te bestrijden? Of kunnen we ons geld beter uitgeven aan koelsystemen in verpleeghuizen? Het is hoog tijd dat deze en andere vervolgvragen aan de orde komen.

Over de auteur:

Johan Mackenbach is emeritus hoogleraar Maatschappelijke Gezondheidszorg(Erasmus MC). Hij is bereikbaar via j.mackenbach@erasmusmc.nl

Zoektermen voor het internet:   

Johan Mackenbach, preventie, Gezondheidsraad advies klimaatadaptatie 2026, Gezondheidsrisico’s klimaatverandering Nederland, Hittegolven oversterfte verpleeghuizen, Wetenschappelijke Klimaatraad gezondheid, Kosten klimaatadaptatie zorg, Hittebestendig maken huurwoningen, Gezondheidseconomische analyse klimaat, Mitigatie versus adaptatie gezondheidszorg, Caribisch Nederland klimaatverandering risico, Prioritering zorgbudget klimaat.