Print Friendly, PDF & Email

Door Joba van den Berg, oud-CDA-Kamerlid en bedenker van de concepten regiobeelden en regioplannen. 

In september 2022, negen maanden na de start van kabinet Rutte IV, werd het Integraal Zorg Akkoord 2023-2026 getekend. Hiervoor zijn drie complimenten op hun plaats:  

  1. De sector heeft breed ondertekend: niet alleen de ziekenhuiszorg maar ook de eerstelijnszorg, de langdurige zorg en het sociaal domein zijn betrokken.  
  1. Het akkoord bevat een degelijke analyse en stelt duidelijke doelen om de zorg te transformeren.  
  1. Het tempo waarin het tot stand is gekomen is hoog: want voor een politieke omgeving is een termijn van negen maanden een topsnelheid.  

Terecht dat de regering extra financiële middelen beschikbaar heeft gesteld om die transformatie te ondersteunen. Maar de vraag is wel in hoeverre de transformatie-voorstellen dat ook daadwerkelijk gaan doen. Het tempo is traag, er is grote focus op tweedelijnszorg in plaats van eerstelijnszorg. De voorstellen komen vooral uit de Randstad. De plannen zijn weinig kwantitatief. Hieronder volgt een toelichting hierop. Dit artikel sluit aan op mijn eerdere beschouwing over de ruim 100 ingediende transformatieplannen. De tekst hieronder betreft de zeventien goedgekeurde plannen. 

Transformatie van de zorg is essentieel

Gezien het feit dat het op vele terreinen kraakt in de zorg, was en is de urgentie ook noodzakelijk. De zorg moet getransformeerd worden wil de zorg beschikbaar, bereikbaar & betaalbaar blijven, ook voor toekomstige generaties. In woorden van het IZA: Waarborgen van een gelijke toegang tot zorg van goede kwaliteit voor alle groepen in de samenleving. Het IZA formuleert vijf algemene doelen voor onder andere transformatieprojecten: 

  1. Inzetten op gezondheid en welzijn door middel van (wijkgerichte) preventie en ondersteuning, zodat mensen zo gezond en vitaal mogelijk zijn en zorgvragen worden  
  1. Afremmen van medicalisering: niet elke hulpvraag is een zorgvraag en niet bij elke zorgvraag past een medisch antwoord 
  1. Optimaal inzetten van de beschikbare capaciteit die we hebben, zonder verspilling van de tijd en energie van mensen en geld.  
  1. Verminderen van de administratieve lasten om zorgprofessionals te ontlasten. 
  1. Behouden van de beschikbare zorgprofessionals door het werkplezier te vergroten 

Er moet geen postcode zorg komen: dat de toegang en kwaliteit van de zorg afhankelijk is van waar je woont. Sterker, de gezondheidsverschillen die er nu zijn tussen wijken/regio’s moeten worden verminderd. Daarnaast zal door de vergrijzing de zorgvraag alleen maar toenemen en die toenemende vraag moet opgevangen kunnen worden binnen huidige kaders. Want één op de zes mensen (dat is ruim 16%) werkt nu al in de zorg en de zorg beslaat al 25% van de Rijksbegroting (nog exclusief jeugdzorg en WMO). Het is irreëel om te denken dat die percentages nog fors kunnen groeien want er zijn ook mensen en middelen nodig voor bijvoorbeeld onderwijs, defensie, landbouw, natuur & milieu, industrie en zakelijke diensten.  

2,8 miljard euro is beschikbaar, maar toekenning verloopt traag

 Het IZA is najaar 2022 getekend maar de eerste beschikking transformatiegelden is pas januari 2024 door de NZA (Nederlandse Zorg Autoriteit) toegekend namelijk 77 miljoen euro aan de Santeon ziekenhuizen. In totaal is er 2,8 miljard euro beschikbaar binnen de Zorgverzekeringswet. De NZA heeft een beleidsregel vastgesteld zodat zorgverzekeraars en zorgaanbieders de kosten kunnen declareren en betalen. Overigens: hoeveel er op dit moment in totaal is gedeclareerd, is niet openbaar. 

Enkele projecten top-down invullen

 Terecht worden er voorwaarden gesteld aan transformatieplannen maar de vraag is of in dit tempo de transformatie snel genoeg wordt gerealiseerd. Te meer daar medio 2022 bekend werd dat uit onderzoek van de NZA bleek dat van de beschikbare middelen uit het Hoofdlijnenakkoord 2019-2022 maar liefst 75% van de transformatiegelden (ruim € 300 miljoen) niet is aangewend voor de noodzakelijke transformatie van de zorg. 
Zou het niet handiger geweest zijn om enkele projecten top-down in te vullen? Dat voorkomt dat iedereen het wiel opnieuw uitvindt. Dat zorgt voor eenduidigheid van werken en daarmee vrijspelen van menskracht. Dat voorkomt ook het non-invented-here-syndroom.  

Thuiszorgmonitoring moest toch vanuit de eerste lijn? 

In de zorg is een ‘lerende cultuur’ nog niet gemeengoed en worden goede ideeën en innovaties van anderen (binnen of buiten de sector) niet makkelijk opgeschaald.  
Zo staat in het goedgekeurd plan van de Santeon-ziekenhuizen Zorg bij jou dat ‘Zorg bij jou’ wordt in 2024 opengesteld voor andere aanbieders, zoals ziekenhuizen, huisartsen en VVT. Complimenten dat het plan zo is ingericht maar of die partijen daarvan gebruik gaan maken bij goede resultaten is blijkbaar geen criterium voor toekenning. En blijkbaar wordt er evenmin inhoudelijk gekeken. Want moet je thuismonitoring niet doen vanuit de eerstelijn in plaats vanuit de tweedelijn als je in IZA stelt dat je gezondheidsvaardigheden en zelfzorg wilt versterken?  

Wat betekent het nieuwe coalitieakkoord van de regering-Schoof? 

Daarnaast is een zorgpunt dat er in het recente coalitieakkoord staat dat er wordt ingezet op een hoofdlijnenakkoord, gericht op beheersbaarheid van zorguitgaven en de kwaliteit van de zorg. Wordt dat een aanvulling c.q. een aanpassing of moet alles overnieuw hetgeen tot enorm tijdsverlies zou leiden?  

Veel plannen voor digitalisering en veel plannen van ziekenhuizen 

Volgens deze website zijn er op dit moment (eind juni 2024) 113 voorstellen maar pas zeventien goedgekeurde transformatieplannen. Het goede nieuws is dat 57 van de 113 voorstellen en 12 van de 17 plannen worden gecategoriseerd in de rubriek ‘digitalisering’. Dat is goed nieuws want de zorg loopt hopeloos achter met digitaal werken en gebruik maken van technologische innovaties. Minder vrolijk word ik als ik ‘sector’ aanklik. Dan blijken alle goedgekeurde plannen hoofdzakelijk medisch specialistische zorg te zijn oftewel tweedelijnszorg/ziekenhuiszorg. Terwijl ‘versterking eerstelijnszorg’ één van de hoofddoelen van IZA is. Zo is er bijvoorbeeld geen goedgekeurd tarnsformatieplan te vinden over de wijkverpleging.  

Zorgverzekeraar VGZ is blij met de vele aanvragen vanuit ziekenhuizen 

Cas Ceulen, Chief Health Officer bij VGZ, zegt namens de zorgverzekeraars over het Santeon transformatieplan: “De potentie van medische servicecentra is enorm, alleen al in de medisch specialistische zorg kan het ruim 7.000 fte vrijspelen. Dat is circa 40% van de vacatures die onvervulbaar zullen zijn in 2032.” Ook hieruit blijkt weer dat sterk vanuit het ziekenhuis wordt gedacht en niet zozeer vanuit de eerstelijn.  

Zorgkantoor Amsterdam diende zeven plannen in  

Evenmin werd ik vrolijk van de verdeling. Van de zeventien goedgekeurde plannen vallen er volgens rubriek ‘zorgkantoor’ maar liefst 8 plannen onder zorgkantoor Amsterdam. Dat is prima, maar waren blijven de andere zorgkantoren? 

Kwantitatieve onderbouwing van de plannen ontbreekt veelal 

Tot slot iets over de inhoud van de plannen. Op de zojuist genoemde website staan alleen samenvattingen. Ik heb met name gekeken naar Zorg bij jou van de Santeon-ziekenhuizen, Regionale transformatieplan van de Zeeuwse Zorgcoalitie, Lopende projecten van VieCurie en de Eerste Spoedeisende Medische Dienst Midden-Kennemerland. De kwantificering laat nogal te wensen over. Santeon stelt dat ze 800 minder full time medewerkers nodig hebben in 2032 door hybride zorg. De Zeeuwse Zorgcoalitie stelt dat 7500 aanvullende medewerkers niet nodig zijn door anders te gaan werken. Dat zijn enorme verschillen in resultaten. Bij de overige plannen is een kwantitatief resultaat ver te zoeken.  

Kortom 

Het venijn zit zoals vaak in de staart oftewel in de uitvoering. Ik pleit ervoor dat er meer tempo wordt gemaakt, meer focus komt op de eerstelijn, onderlinge verbanden worden bezien en naar kwantificering wordt gekeken. Als dat niet gebeurt, blijft er te veel vrijheid en dus vrijblijvendheid en zullen de boven genoemde algemene doelen niet worden gehaald. 

Over de auteur 
Joba van den Berg-Jansen was (met twee korte onderbrekingen) Tweede Kamerlid voor het CDA van maart 2017 tot december 2023 en woordvoerder medische zorg en Koninkrijksrelaties. Zij heeft diverse initiatiefnota’s gepubliceerd o.a. de nota Zorg in de regio over het belang van bereikbaarheid van zorg. Op dit moment is zij o.a. lid Raad van Toezicht KNMT, voorzitter Raad van Toezicht PCO en secretaris Nationaal Rampenfonds.   

Zoektermen voor internet

Regioplannen, IZA, transfortmatie, thuiszorgmonitoring, top-down, Joba van den Berg, beleidsontwikkeling, coalitieakkoord