Print Friendly, PDF & Email

Door Matthijs Bosveld, Arts-onderzoeker in MUMC+ te Maastricht. 

Samenvatting van het artikel oorspronkelijk gepubliceerd in het Tijdschrift voor Gezondheidswetenschappen:  

Bosveld, M.H., van Bokhoven, M.A., Smits, A.G.M. et al. De Academie voor Patiënt en Mantelzorger: een palet aan activiteiten ter ondersteuning van de eigen regie van patiënten en hun mantelzorgers. TSG Tijdschrift Gezondheidswet 101, 131–136 (2023). 

Inleiding 

De gezondheidszorg in Nederland is in beweging. Door een toenemende zorgvraag, een beperkte hoeveelheid personeel en een schaarste aan financiële middelen wordt de Nederlandse gezondheidszorg gedwongen maatregelen te nemen. In de discussienota Zorg voor de Toekomst van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport uit 2020 zijn het bevorderen van het zelf voeren van de regie en het faciliteren van mantelzorg en zelfhulp beschreven als mogelijke maatregelen om kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van de Nederlandse gezondheidszorg te behouden. Tegelijkertijd wil een aanzienlijk deel van de patiënten en mantelzorgers een actieve(re) rol spelen bij beslissingen over hun gezondheid, gevoed door de toenemende erkenning van de meerwaarde om patiënten hierin te laten participeren.  

2018: Oprichting Academie voor Patiënt en Mantelzorger (APM) 

In het licht van deze ontwikkelingen heeft het Maastricht Universitair Medisch Centrum (MUMC+) in 2018 de Academie voor Patiënt en Mantelzorger (APM) opgericht. Het doel van de APM is om patiënten en hun mantelzorgers te ondersteunen bij het zelf voeren van de regie over hun gezondheid. Dit beoogt de APM te bereiken door vrijblijvende instructiemomenten, begeleidingssessies en educatieprogramma’s (hierna: activiteiten) aan te bieden aan patiënten en hun naasten, die aansluiten bij de verschillende onderdelen van zelfmanagement. Tot op heden ontvangt de Academie voor Patiënt en Mantelzorger enkel incidentele subsidiegelden, de laatste gelden waren afkomstig uit het Innovatiefonds Zorgverzekeraars, beschikbaar gesteld door zorgverzekeraars CZ en VGZ. In dit artikel gaan we in op de rationale waarop de APM gestoeld is, beschrijven we de activiteiten en projectopzet van de APM, delen we de eerste bevindingen en formuleren we vervolgstappen. 

Activiteiten APM 

Het overzicht aan activiteiten aangeboden door de APM, onderverdeeld in de categorieën van zelfmanagementprocessen, is weergegeven in Tabel 1. 

Tabel 1. Activiteitenoverzicht van de Academie voor Patiënt en Mantelzorger in het Maastricht UMC+ (januari 2024) 

a SanaCoach omvat verschillende e-healthtoepassingen die begeleiding van patiënten met chronische aandoeningen op afstand mogelijk maken. 

b PPEP4ALL is een gevalideerd zelfmanagementprogramma gericht op het verbeteren van de kwaliteit van leven van patiënten met een chronische ziekte en hun mantelzorgers. 

c ZMILE is een gevalideerd zelfmanagementprogramma gericht op het verbeteren van de kwaliteit van leven en medicatiecompliantie bij mensen met epilepsie. 
dACT staat voor Acceptance and Commitment Therapy. Dit is een gedragstherapie die mensen helpt om op een flexibele manier om te gaan met de obstakels die ze tegenkomen (Acceptance), zodat men kan blijven investeren in de dingen die ze écht belangrijk vinden ( 

Hieronder volgt een toelichting op de drie categorieën in deze tabel. 

  1. Instructie van verpleegtechnische handelingen 

Deze categorie heeft als doel deelnemers actief te ondersteunen bij het omgaan met ziektebehoeften c.q. de zelfmanagement processen uit categorie 1 geformuleerd door Schulman-Green et al., 2012. Hiervoor geschoolde verpleegkundigen leren patiënten en mantelzorgers tijdens korte instructiemomenten gezondheidstaken aan. Deze categorie is onder te verdelen in twee subcategorieën, te weten: eenvoudige verpleegtechnische handelingen en complexere, risicovolle verpleegtechnische handelingen met controle door de thuiszorg.  

Eenvoudige verpleegtechnische handelingen omvatten onder andere injecteren (subcutaan en intramusculair) en het toedienen van oogdruppels na oogoperaties. Ook het aantrekken van steunkousen en het verzorgen van droge wonden, inclusief het signaleren van mogelijke complicaties, vallen hieronder. 

Complexe verpleegtechnische handelingen omvatten bijvoorbeeld de verzorging van een centraal veneuze lijn of het wisselen van antibiotica bij intraveneuze thuistoediening met controle door de thuiszorg. Deze laatstgenoemde instructie is in nauwe samenwerking tussen arts-microbiologen uit zowel het Maastricht UMC+ als het Radboud UMC, thuiszorgorganisaties en de APM ontwikkeld. 

  1. Begeleidingssessie ten behoeve van e-healthcompetenties 

Het trainen van e-healthcompetenties heeft als doel patiënten te motiveren om gebruik te maken van digitale zorgtoepassingen, de digitale drempel voor patiënten te verlagen en daarmee samenhangend het gebruik van digitale zorgtoepassingen te vergroten. Het activeren van deze digitale hulpmiddelen, resoneert met één van de processen uit de tweede categorie aan zelfmanagementprocessen. Toenemend gebruik van digitale zorg kan dienen als gedeeltelijke vervanging voor fysiek zorggebruik, doordat zelfmonitoring, communicatie met zorgverleners op afstand en gezondheidsvoorlichting gecombineerd worden in een applicatie. 

In een-op-een begeleidingssessies worden patiënten wegwijs gemaakt in het hoe en waarom van digitale zorg onder begeleiding van een verpleegkundige. Daarnaast biedt de APM met deze begeleidingssessies een operationele structuur waarin nieuwe digitale zorgtoepassingen, die ontwikkeld worden in het kader van wetenschappelijk onderzoek, ondergebracht kunnen worden. 

  1. Educatieprogramma’s voor het leven met c.q. managen van een chronische ziekte 

Door het trainen van zelfmanagementcompetenties worden deelnemers ondersteund in het leven met een chronische ziekte. Specifiek bieden de zelfmanagementeducatieprogramma’s ondersteuning op het gebied van emotieverwerking, en aanpassingen aan en integratie van ziekte in het dagelijks leven. Hiermee wordt tegemoetgekomen aan de derde categorie aan zelfmanagementprocessen. Twee van de programma’s die aangeboden worden, zijn het Patiënt en Partner Educatie Programma voor Alle chronische ziekten (PPEP4ALL). en de ZelfManagement Interventie in epiLEpsie (ZMILE), voor zowel patiënten als mantelzorgers. Voor PPEP4ALL geldt dat patiënten en mantelzorgers apart van elkaar deelnemen en een op de doelgroep aangepast programma volgen. De educatieprogramma’s omvatten zes tot acht groepsbijeenkomsten waarin deelnemers aan de slag gaan met het aanleren van zelfmanagementvaardigheden, onder leiding van een begeleider van de APM om greep te krijgen op hun (veranderde) situatie en hun kwaliteit van leven te verhogen.

Organisatie van de Academie voor Patiënt en Mantelzorger 

De organisatie bestaat uit een vaste formatie voor coördinatie, planning en ontwikkeling van activiteiten, en inmiddels een vaste schil van verpleegkundigen (voorheen: flexibele schil). Patiënten en mantelzorgers bepalen in samenspraak met de behandelend zorgprofessional of, en voor welke activiteit zij in aanmerking willen komen. Vervolgens verwijzen de zorgverleners patiënten via een intercollegiaal consult in het elektronisch patiëntendossier naar de APM. De verpleegkundigen verzorgen de activiteit op maat voor de desbetreffende patiënt en eventuele mantelzorger, indien passend. Bij een klinische verwijzing wordt de activiteit op maat idealiter uitgevoerd vóór het ontslag van patiënten. Bij electieve operaties wordt gekeken of de training op een passend moment in het zorgpad plaats kan hebben. 

Evaluatie: Patiënten geven rapportcijfer 8,5  

Tabel 2 toont de resultaten van de evaluatie van de APM. Het oorspronkelijke artikel, waarvan ik hier een samenvatting presenteer, gaat uitgebreid in op de evaluatiemethode. Op verzoek van de redactie blijft deze toelichting hier achterwege en verwijs ik naar het oorspronkelijke artikel.   

* Omdat slechts één persoon de evaluatie heeft ingevuld van de instructie ‘dag-nachtzakwissel’ zijn de evaluatie-uitkomsten niet weergegeven in bovenstaande tabel in het kader van herleidbaarheid. 

# SanaCoach omvat verschillende e-healthtoepassingen die begeleiding van patiënten met chronische aandoeningen op afstand mogelijk maken. 

In totaal hebben 335 deelnemers een vragenlijst ter evaluatie van de activiteiten volledig ingevuld. Gemiddeld scoren zij het belang van het zelf regie kunnen voeren over hun zorg een 8,51 op een tienpuntsschaal. Dertien van de 282 deelnemers aan trainingen uit categorie 1 hebben nog thuiszorg aangevraagd (5%). Het overgrote deel van de deelnemers aan activiteiten uit categorie 1 en 2 heeft de handeling zelfstandig uitgevoerd (88%) en heeft zich voldoende veilig gevoeld (97%). Op twee deelnemers na is elke deelnemer de e-healthapplicatie gaan gebruiken. Het overgrote deel geeft aan de ziekte beter te begrijpen (n = 48). 

Beschouwing: minder thuiszorg aangevraagd 

Verschillende activiteiten die binnen de APM ten uitvoer worden gebracht, zijn reeds eerder wetenschappelijk geëvalueerd. Het gebruik van de digitale zorgtoepassing Sanacoach Hartfalen zorgt voor een significante vermindering van het aantal ziekenhuisopnamen bij patiënten die minder dan achttien maanden geleden zijn gediagnosticeerd met hartfalen. Bovendien is er een significante verbetering van ziektespecifieke kennis en zelfzorg waargenomen. Ook PPEP4ALL (zier hierboven) heeft in verschillende patiëntgroepen aangetoond de kwaliteit van leven te vergroten, angst- en depressieklachten te verminderen en bij te dragen aan toegenomen self-efficacy. De eerste resultaten gerapporteerd in Tabel 2 laten zien dat er minder thuiszorg aangevraagd wordt door patiënten en hun mantelzorgers voor handelingen die normaal gesproken overwegend door de thuiszorg worden uitgevoerd.  

Welzijn zorgprofessionals ging omhoog 

Daarnaast beoogt de APM het welzijn van zorgprofessionals te vergroten. Door een klein aantal verpleegkundigen als instructeur in te zetten, wordt voor deze groep de dienstlast verkleind en de inzet van deze verpleegkundigen in de zorg verduurzaamd. Dit is een verduurzaming, omdat een groot deel van de verpleegkundigen hun werk in de zorg verruilt voor werk in andere sectoren en op deze manier behouden wordt voor de (ziekenhuis)zorg. Tegelijkertijd wordt het beroep op thuiszorgmedewerkers verlaagd, omdat patiënten en mantelzorgers handelingen zelfstandig thuis uitvoeren.  

Focusverbreding vergroot gunstige effecten 

Tegelijkertijd bestaan er nog genoeg inhoudelijke doorontwikkelingskansen voor de APM zelf: het palet aan activiteiten kan uitgebreid worden om beter aan te sluiten bij de verschillende deelprocessen van zelfmanagement. Zo kan de APM bijvoorbeeld een knooppunt vormen in het activeren van hulpbronnen (uit het sociale domein), de tweede categorie aan zelfmanagementprocessen. Denk hierbij aan een loket waar patiënten en hun mantelzorgers terecht kunnen met hun gezondheids-, sociale of zingevingsvragen in samenwerking met lokale (informele zorg)partners. Daarnaast wordt een groot deel van de activiteiten georganiseerd voor kortdurende zorg en specifiek voor patiënten. Een focusverbreding naar activiteiten voor chronische aandoeningen en activiteiten gericht op mantelzorgers kan de schaal van de effecten doen toenemen.  

Regionale samenwerking ontwikkelt zich… 

De activiteiten van de Academie voor Patiënt en Mantelzorger worden gecontinueerd en uitgebreid. Niet alleen inhoudelijk, zoals hierboven beschreven, maar ook in regionale samenwerking. In Zuid-Limburg wordt een aanvraag van transformatiemiddelen voorbereid om met de ziekenhuizen en VVT-organisaties in de regio te komen tot één regionaal trainingscentrum. Op deze manier beoogt de regio de impact van de APM, thans hoofdzakelijk uitgevoerd in de ziekenhuisschakel van de keten, ook ten goede te laten komen van kortdurende ouderenzorg (ELV/GRZ) en in de wijk.  

…evenals de landelijke samenwerking 

Daarnaast participeert het Maastricht UMC+, samen met Innovatiefonds Ouderenzorg (IFOZ) en zorgverzekeraar CZ, in een landelijke schalingsorganisatie. Stichting KOMPAZ Nederland, een acroniem voor Kenniscentrum voor Ondersteuning van Mantelzorgers en Patiënten/cliënten bij het Aanleren van Zelfmanagement, zal andere regio’s die van start willen met voorliggend initiatief begeleiden en faciliteren vanaf maart 2024.  

Organisaties aangesloten bij Stichting KOMPAZ Nederland krijgen toegang tot een systeem waarbinnen de reeds ontwikkelde trainingen uniform ontsloten kunnen worden en sluiten zich aan bij een lerend netwerk, waarin lessen actief uitgewisseld en weer geïmplementeerd zullen worden. Regio’s kunnen dit vervolgens white-label aanbieden in hun eigen regio.  

Op deze manier probeert Stichting KOMPAZ Nederland zowel eigenaarschap in de regio te behouden als dubbel (ontwikkel)werk te voorkomen, en beoogt dientengevolge een vliegwieleffect te genereren om de ondersteuning van eigen regie verder te brengen in Nederland.  
 
Voor regio’s die zelf aan de slag willen met de Academie voor Patiënt en Mantelzorger worden landelijke scholingsdagen georganiseerd. Tijdens een tweedaagse cursus krijgen zij de handvatten die nodig zijn om aan de slag te gaan met het opzetten van de Academie voor Patiënt en Mantelzorger in hun eigen regio. Meer informatie hierover is te vinden op de website van de MUMC+ Academie voor Patiënt en Mantelzorger. Wil je die raadplegen, klik dan hier. 

Over de auteur 

Matthijs Bosveld (1996) is arts-onderzoeker in het Maastricht UMC+. Na het ontvangen van zijn artsenbul heeft hij als arts niet in opleiding gewerkt op de SEH van het Zuyderland MC. Eerder rondde hij de master Healthcare Policy, Innovation en Management af aan Maastricht University. Nu doet hij promotieonderzoek naar actieve betrokkenheid van patiënten en hun naasten in onderwijs en zorg. Hij is bereikbaar via m.bosveld@maastrichtuniversity.nl 

Zoektermen op internet: 

Matthijs Bosveld, mantelzorg, Maastricht UMC+, patiëntaspecten, APM, thuiszorg, verpleegtechnische handelingen, eigen regie

Schrijf u in voor de nieuwsbrief


En ontvang elke 2 weken de nieuwsbrief met de meest recente artikelen in je mailbox!

Klik hier om in te schrijven

Dit zal sluiten in 10 seconden